|
Vriendennieuws van Bram Krol (u
kunt de vriendenbrief ook als pdf downloaden)
Gorinchem, november 2011
Beste vrienden,
Een beetje
ouder, sinds ik jullie een half jaar geleden schreef. Over een dag of wat vier
ik mijn 65e verjaardag. Dat is een goed moment om even na te denken
en te overleggen. Ik voel me gezonder dan in jaren, en ben niet van plan de rest
van mijn leven aan het voeren van eendjes, reisjes of bingomiddagen te wijden.
Er is een wereld te winnen. Bovendien komt mijn levenswerk nu pas goed tot
bloei, vooral in Nepal en Kongo.
Een
gemeente in Jholong, India, op de grens met Bhutan, is het afgelopen jaar
verdrievoudigd tot 90 mensen, na jaren stagnatie. Ik heb veel met de evangelist
over missionaire strategieën gesproken; dat lijkt nu vrucht af te werpen. In
het dorpje Gogane in Nepal was maar één Christen, toen ik daar in juni j.l. een
lintworm en nog andere darmparasieten opliep. Zes weken later was er een kleine
gemeente van 30 man, en nu zijn er al weer 40 nieuwe belangstellenden. De topper
in dat dorp is de Bijbel, die we aan de armen mochten geven. Men kan zich daar
niet voorstellen dat er in ons land mensen bestaan, die niet ‘weg’ zijn van het
Boek der boeken.
Even iets over
de afgelopen zomer.
Eerst Nepal, met
twee grote predikantenconferenties in het westen, met buitengewoon positieve
reacties. Toen naar het oosten om enkele
evangelisten
te bezoeken, een sponsorkind in Pakhribas en het schooltje van Balamvita. In de
buurt van Damak stelden we Ruben Pariyar als parttime evangelist aan. In de twee
maanden daarop zag hij 16 mensen tot geloof komen. In Rangeli bezochten we een
gemeente met 60 mensen. Deze was drie maanden eerder ontstaan, omdat Suresh
enorm was aangesproken door een Gemeentegroeiconferentie. En die jonge gemeente
heeft inmiddels drie nieuwe gemeenschappen gesticht. Wat een getuigenis!
Toen volgde Somaliland. In Hargeisa, de hoofdstad, bezocht ik
Doses of Hope. In 1998 heb ik geholpen dat hulpverleningswerk op te zetten, en
eindelijk kon ik dan de resultaten aanschouwen. Daar kwam ik ook (als eerste
westerling sinds een generatie) in contact met de Yibirs, een stam van
Hebreeuwse origine. Ze worden vreselijk gediscrimineerd; hun kinderen mogen
zelfs niet naar school. Ik hoop een schooltje aan hen te kunnen geven, als er
geld voor binnen komt, natuurlijk.
|
 |
 |

De reis ging verder over Nairobi naar Kinshasa, Kongo, met grote
evangelisatiecampagnes in Bandundu-ville en Bagata, waar 1400 resp. 2100 mensen
tot geloof kwamen. Vooral in Bagata (100.000 inwoners) was men werkelijk
heilsbegerig. Kom daar hier eens om… Toen volgde de vlucht naar de diamantstad
Mbuji Mayi, waar de bevolking woont op onmetelijke bodemschatten, maar omkomt
van ellende. Daar beleefde ik mijn grootste campagne ooit. Op de laatste dag
kwamen 15.000 mensen samen. Bij één van de samenkomsten was ook de
gouverneur
van Oost-Kasaï aanwezig, een provincie met 11 miljoen inwoners. Inmiddels was ik
door de gezamenlijke inspanning van lintworm en amoeben ruim 8 kilo afgevallen.
(Maar die vreugde is al weer verleden tijd). Zo slap als een vaatdoek werd ik -
terug in Kinshasa - plotseling in elkaar geslagen door vier politieagenten in
burger en meegesleurd naar het bureau van de criminele brigade. Iemand had een
‘aanklacht’ tegen mij ingediend. (Deze man heeft zich met valse
eigendomspapieren het huis van onze beweging toegeëigend en wil van mij af.) Ik
zou geen zendeling zijn, maar een geheim agent, die de regering omver wil
werpen… Er volgde een dag met venijnige en bedreigende ondervragingen.
Uiteindelijk wilde men alleen maar geld zien, heel veel. Uiteindelijk heeft de
consul van de Nederlandse ambassade daar een stokje voor gestoken.
De afgelopen
week kon ik de laatste twee open plekken in mijn preekagenda opvullen. Ik preek
graag. Ik hoop de komende weken in Brussel, Westbroek, Terneuzen, Rotterdam en
Gorinchem (Dalem) te spreken, in vijf verschillende denominaties. Heel
interessant!
Heel snel nadert
mijn AOW. Dat verandert het een en ander aan mijn welstand. Daarin ligt de reden
voor het schrijven van deze brief. Zoveel jaren hebben jullie me op grootse
wijze ondersteund. Zonder zorgen heb ik kunnen leven, om me te wijden aan
evangelisatie, pastoraat, prediking en het schrijven. Dat is in ons land velen
(maar ik heb geen idee van aantallen) ten zegen geweest. In het buitenland zijn
tienduizenden tot geloof gekomen en tientallen gemeenten gesticht. Daar hebben
jullie aan bijgedragen. En elke dag opnieuw stromen er goede berichten binnen.
Van nu
af kan ieder zich vrij voelen het geven van giften voor mijn levensonderhoud te
staken. Of nog beter: je kunt giften omzetten naar Stichting Facilite. Vergeet
trouwens ook Agapè niet. Maar als iedereen zou stoppen met het doneren, zit ik
met een probleem. Het is veel goedkoper om AOW-er te zijn dan evangelist, en met
dat laatste ga ik gewoon door. Ik heb wat armslag nodig, ook al leef ik heel
zuinig. Ik kan niet elke postzegel, telefoongesprek, stukke broek of schoenen
declareren bij Stichting Facilite, en nog minder bij Agapè. Buitenlandse reizen
en zelfs het dagelijkse leiding geven kosten veel. Agapè blijft mij maandelijks
de giften die voor mij binnenkomen betalen. Dat is mijn belangrijkste contact
met deze beweging, waar ik helemaal achter sta, maar waarin ik slechts meewerk
als een soort invaller (associate medewerker).
Of ik nog
plannen heb? Stapels! Elke dag probeer ik wat Nepalees te leren. Ik moet onze
leiders in Nepal en Kongo nog flink instrueren. Ik werk aan een map, waarin ik
onze strategie uitleg. Ik hoop een project te kunnen lanceren voor de Yibirs in
Somaliland; in Nepal staat een honingproject te wachten. Er moeten nog enkele
boeken en brochures vertaald worden in het Frans, Engels, Nepalees, Kikongo,
Lingala, Chiluba en Swahili (om te beginnen). Ik hoop op een uitbreiding van ons
werk naar gebieden waar Bengaals of Hindi gesproken wordt, en mogelijk nog
elders. Dan werken ds. François Mufokoto uit Kongo en ik samen aan een boek over
pastoraat, waar een grote behoefte aan bestaat. We starten pionierswerk in het
hooggelegen noorden van Nepal aan de Tibetaanse grens. We zijn uitgenodigd om
samen met de leiding van de Verenigde Protestantse Kerk van Kongo
Gemeentegroeiconferenties in de grote steden te houden, om de kerk te
revitaliseren
(kostbaar, maar hoognodig). Er loopt een aktie om de Bijbel op een MP-3-speler
bij de ongeletterde pygmeeën te brengen, diep in de Afrikaanse oerwouden. In dat
alles staat me slechts één ding voor ogen: de uitbreiding van het Koninkrijk van
licht en liefde.
Hoe ik het
verder maak? Heel goed. Ik woon prettig en rustig. Elke ochtend vliegen meesjes
me bijna omver, wachtend op walnoten, die ik dit najaar in grote getale heb
verzameld. Volgende week gaan de bloembollen de tuin in, als ik hem heb
omgespit. De bomen moet ik binnenkort flink snoeien. Een donkerrode chrysant bij
de voordeur bloeit uitnodigend en uitbundig.
In Gorinchem doe
ik wat evangelisatie en pastoraal werk, o.a. in het inloophuis. Maar het meeste
van mijn tijd gaat op aan werk voor de Derde Wereld. De laatste dagen was ik
druk met het verzenden van verzoeken om steun voor blindenwerk in Somaliland,
dat door gebrek aan fondsen misschien binnenkort moet stoppen… Maar dat is wel
het enige
werk voor blinden in heel Somalië/Somaliland. Onder de bevoorrechten zit ook
Mustafa, een blinde zonder handen, die nu kan lezen met zijn tong en typen met
zijn voeten.
Van
mijn boek Jesus Multinational is de eerste editie vrijwel uitverkocht. De
Franse vertaling trekt in Kongo (en nu ook in België) veel belangstelling.
Ik stop ermee,
al is er nog zoveel meer te vertellen. “Opa, heb je nog een verhaaltje?” vragen
mijn kleinkinderen. Kom daar maar eens voor langs. Jullie zijn welkom, trouwens
ook om te overleggen over giften en projecten.
Met vriendelijke
groet en Gode bevolen,
Bram Krol
Wie mij willen ondersteunen kunnen een
bedrag overmaken op de bankrekening van St. Agapè te Doorn: 48.36.38.846 onder
vermelding van: bestemd voor A.J.Krol. (Wil je iets voor mijn internationale
werk geven, gebruik dan het rekeningnummer van Stichting Facilite te Gorinchem:
12.98.65.079)
|