|
CONGO februari 2004
Opnieuw kan ik beginnen met: Deze reis
(duur 32 dagen) sloeg alles tot dusver! Het absolute hoogtepunt was een
massale opwekking à la Wesley en Finney in de stad Bulungu met ontelbaar
veel mensen die zich wilden bekeren: ergens tussen de zes- en elf-duizend,
onder wie vrijwel alle autoriteiten!
De reis ging dit keer naar de
Bandundu-provincie, zuid-oostelijk van Kinshasa, speciaal het district Kwilu
(2x zo groot als Nederland; 4,8 miljoen inwoners) en het separate
stadsgewest Kikwit (500.000 inw.) Het was de bedoeling dit keer alleen
cursussen voor werkers in de gemeenten op de ochtenden, en voor
geïnteresseerde gemeenteleden 's avonds te geven.
We hebben gewerkt in Kikwit (mijn derde
bezoek), Idiofa (2e bezoek, 60.000 inw.), Bulungu (75.000 inw.) en Gungu
(15.000 inw.), naast enkele cursussen in de hoofdstad Kinshasa.
Overzicht van de resultaten:
-
Ik sprak in zeven kerkdiensten tot
1150 mensen; omdat we meestal met drie man werkten kan dat aantal voor
het gehele team worden verdrievoudigd. Dit keer dus geen grote
kerkelijke bijeenkomsten.
-
Ongeveer 735 kerkelijke leiders
namen aan de conferenties deel, onder wie ongeveer 170 predikanten.
-
100 theologie studenten volgden
separate cursussen (40 in Idiofa, een academische opleiding) en in twee
instellingen op HBO-niveau in Kinshasa totaal 60 studenten. Bijna alle
studenten werken al als predikant/voorganger.
-
Ongeveer 1035 actieve kerkleden
namen deel aan de cursussen voor gemeenteleden, in Idiofa, Gungu, Kikwit
en Kinshasa. In Bulungu kwam het daar echter niet van.
Opwekking Bulungu:
De hele bevolking vond dat ik de eerste
echte zendeling was in Bulungu, de hoofdstad van het district Kwilu. (Een
'echte' zendeling brengt het Evangelie aan iedereen. De R.K.-paters werken
alleen in hun eigen kerk, die vielen dus af in de race). Dat vond men zo
uitzonderlijk, dat iedereen het Evangelie wilde horen, al waren er drie
maanden tevoren nog 2 kerken in brand gestoken, vanwege een hevig verzet
tegen het evangelische geloof. Ook tussen de traditionele protestanten
(baptisten, 3 kerkjes) en de opwekkingsgelovigen (5 kerkjes) heerste veel
vijandschap, tot een maand voor onze komst. Dat was de eerste gelegenheid
waarbij men samenwerkte. Verder is van belang te weten dat de protestanten
hooguit 5% van de bevolking tellen. De Kimbangisten - een nauwelijks meer
christelijk te noemen sekte - vertegenwoordigen 15 - 20%, en de rest is (in
naam) Rooms-katholiek.
Toen we 's middags les wilden geven aan
gemeenteleden, zagen de kerk en het veld rondom de kerk zwart van de mensen.
We hebben een plekje gevonden in de open lucht, en begonnen met
evangelisatiebijeenkomsten die vier dagen aanhielden. De laatste was in het
stadion, en trok 8000 bezoekers. In totaal hebbben we meer dan 18.000
bezoekers getrokken, waarvan waarschijnlijk meer dan de helft te kennen gaf
tot Christus te willen komen. Onder hen de districtsbestuurder met zijn
vrouw en de procureur-generaal met zijn vrouw. Mensen lagen geknield,
huilden, schreeuwden en lachten, en waren diep onder de indruk. Het was
alsof de Geest neerviel op de hele stad en alle dorpen in de omgeving.
Een keer moest ik vluchten voor een meute van misschien wel
500 mensen in een dorp, toen ik met de fiets 20 kilometer verder was gegaan om
iemand te interviewen. Op de terugweg zagen we een mensenmassa de weg
versperren. De predikant die me begeleidde, leidde me over erven en door
achtertuintjes om te ontkomen. Ze wilden me namelijk vasthouden om het Evangelie
te brengen aan het dorp, om me dan de volgende dag weer te laten gaan. Ze
zeiden: "Is het Evangelie alleen maar voor stadsmensen? Wij willen het ook!"
In artikelen (in Opwekking o.a.) en
mogelijk een brochure zal ik dit fenomeen t.z.t. verder uitwerken. Maar er ligt
nog een taak voor ons in Bulungu. De weinige protestanten kennen zelf nauwelijks
het geloof, en de evangelischen zijn zeer klein in aantal. Het is een stad
waaraan de opwekking van Congo al die tijd voorbij was gegaan. Er zijn geen
nazorgers, er zijn geen materialen en Bijbels. In de stad is geen enkele
boekhandel. Er is geen electriciteit, en vervoer is er weinig (tussen Kikwit en
Bulungu, een afstand van 125 km., rijden soms maar twee jeeps per week!) Zo zijn
er nog een stuk of twaalf andere steden in de districten Kwilu en het
westelijker gelegen Kwango, tegen de Angolese grens). De mensen voelen zich
hopeloos, maar staan wijd open voor het Evangelie. Dat gebied heeft het hart van
onze Gemeentegroei-secretaris, ds. Kubadika, want hij is afkomstig uit de Kwango,
en heeft al een groep van 12 theologen (uit Idiofa) verzameld die daar aan de
slag zou willen!
Moet er aan Gemeentegroei-instructie een
afdeling Gemeentegroei-zending worden toegevoegd? Dat zal kostbaar zijn. Maar
wat moeten we met de 200.000 of zo nieuwe gelovigen onder de pygmeeën (zie
'Schreeuw uit het oerwoud'), en de 10.000 of zo prille gelovigen van Bulungu?
Als we over goed eigen vervoer en een goede geluidsinstallatie en generator en
nog het een en ander beschikken, zouden we in die streken wel eens tienduizenden
mensen tot geloof kunnen zien komen! Campus pour Christ-Congo (Agapè) wil graag
meewerken om de nazorg te doen. In Kikwit heb ik een R.K. geestelijke ontmoet
(een soort nieuwe Luther!) die ook vele duizenden of zelfs tienduizenden tot
geloof heeft zien komen, pater Kopa. Hij wil ook graag meewerken aan een
grootscheepse campagne.
We hebben deze reis voor het eerst gewerkt
met de vertaling in het Kikongo van de brochure 'Gemeentegroei'. Goede
ervaringen!
Gorinchem,
22-03-'04
Bram Krol
|