|
VERSLAG van de reis
van Bram Krol naar Nepal, dec. 2009
Een goede en aangename reis, waarin vrijwel alles naar wens
is verlopen, afgezien dan dat ik met 11 uur vertraging in Nederland arriveerde,
omdat ijs en sneeuw de vluchten tussen Engeland en het Europese continent bijna
onmogelijk maakten. Mijn gezondheid is prima. Ik ging m.n. voor twee zaken naar
Nepal: een bezoek aan de Kiratibeweging en predikantenconferenties. Dat valt
onder het werk van St. Facilite; maar ik ontkwam er niet aan ook enkele zaken
van de Himalayan Evangelical Fellowship te zien en horen. Puntsgewijs de
belangrijkste ervaringen:
1. De Kiratibeweging en de bouw van het ziekenhuisje in
Larumba (project van Facilite)
Het ziekenhuisje is voor ruim de helft af, en de onkosten
blijven tot hiertoe binnen de begroting. Er is een sterk bestuur, waarin
van
onze zijde Yam Bahadur Limboo, onze tussenpersoon in het contact met de goeroe,
zitting heeft. We worden zeer gewaardeerd in Larumba en onder de Kirati, en ik
had enkele open gesprekken met de goeroe, ook bij hem thuis. Hij woont uitermate
eenvoudig in twee huisjes met lemen muren en strooien daken. Hij zegt dagelijks
tot Christus te bidden, net als enkele leden van zijn hoofdbestuur, zeker de
voorzitter, Keher Sing Yongyan, die belijdt Christen te zijn, maar in de Kiratibeweging wil blijven om zijn volk mee te krijgen naar het geloof in
Christus. Ik merk dat er een goede controle op het geld voor de bouw is. Onze (christen-)
ingenieur uit Damak, de heer Tordna Paudel, controleert elke fase van de bouw,
en staat in contact met Ad Los uit Kathmandu, die het project ook bezocht heeft
en daarvan een goed en professioneel rapport heeft gemaakt. Ook het eerder
opgezette computerproject loopt als een trein. De openheid voor het Evangelie
groeit overal onder de miljoen Kirati. Dat was voor ons geen voorwaarde voor het
aanpakken van de projecten, maar het gebeurt als ‘vanzelf’.
2.
Schooltje cum kerkgebouwtje, Balamvita (giften via Facilite)
Het
schooltje is inmiddels gebouwd, en ik mocht het officieel openen. Zelden heb ik
een project gezien met zoveel lokale impact. Om te beginnen zijn de arme en
verschopte Santali’s er heel trots op. Nu is het gebouwtje, behalve dan de
betonnen pilaren, stenen/betonnen onderbouw en golfplaten dak, zo simpel als het
maar kan, met ‘muren’ van gevlochten bamboe-matten. Stoelen en ander
schoolmeubilair ontbreken, evenals vrijwel alle leermiddelen. Maar het schooltje
is nu al beter dan de op 3 kilometer gelegen overheidsschool, en telt meer dan
70 leerlingen voor 1 onderwijzeres! Het brengt verzoening tussen de armsten (Santali),
armen (werkmanskaste) en de hoge kasten, die alle in het goed functionerende
schoolbestuurtje zijn vertegenwoordigd. Op zijn minst zes gezinnen zijn de
afgelopen 3 maanden tot geloof gekomen (3x Santali, 2x werkmanskaste en 1x hoge
kaste). Meerdere leden van de hoge kaste hebben gezegd Christen te willen
worden. Dat is een aardverschuiving. Het kerkje trekt nu geregeld meer dan 70
mensen, van alle kasten! Ik heb tijdens mijn bezoek enkele zaken geregeld: een
redelijk salaris voor de onderwijzeres (20 euro per maand; ik heb 12 maanden
betaald, t/m oktober 2010), een landkaart van Nepal, bijbelse verhalenboeken met
platen, een groot schoolbord met krijt. Andere zaken moeten nog geregeld worden:
meubilair, een tweede leslokaal met een leerkracht, betere toiletten, beter
gebouw e.a. Het beheer van dit project valt toe aan de H.E.F.
3.
Predikantenconferenties over Gemeentegroei (Facilite)
We hebben in
drie plaatsen in Oost-Nepal conferenties belegd voor predikanten en geestelijke
leiders: Bhedetar (voor de districten Dharan en Dhankuta), Gaighat (voor de
districten Udaipur en Saptari) en Itahari (Morang en Jhapa). In totaal deden er
126 leiders aan mee, voor de helft predikanten, verder evangelisten en
ouderlingen. De reacties waren bijzonder positief. Van alle kanten bereiken ons
verzoeken om conferenties in Sikkim en Nepal. Ook wordt er om
vervolgconferenties gevraagd. De organisator van deze conferenties was ds. Kuber
Gurung (vrije presbyteriaan), bijgestaan door de besturen van regionale
predikantenkringen. Mijn vertaler voor de eerste conferentie was ds. Norbu
Tamang, voor de tweede een methodistenpredikant uit Kakarvita (Gopal Khanal) en
in Itahari werd ik bij toerbeurten vertaald. Daar trof ik o.a. een buitengewone
interesse in het onderwerp aan bij de predikant Sambhu Chowdhari (baptist) uit
Itahari.
4.
Publicatie ‘Gemeentegroei compleet’ in het Nepalees (Facilite)
Voor een
bedrag dat in Nederland ondenkbaar is, is ‘Gemeentegroei compleet’ vertaald en
gedrukt (1 euro per exemplaar bij een oplage van 1000; drukkosten: 75 cent per
boek van 250 pagina’s en gelamineerde omslag), met een redelijke kwaliteit. We
zijn daarmee ruim binnen de begroting gebleven, die 2x zo hoog was. Dit mede
omdat de vertaler, ds. Norbu Tamang, een kei is om de laagste prijzen in de
wacht te slepen. De eerste reacties van predikanten op het boek zijn prima.
Verder heeft Norbu een team van 10 helpers, onder wie diverse predikanten.
5. Kerkje
Campus Chowk, Damak (H.E.F.)
In anderhalf
jaar is er aan de andere kant van de stad Damak als waar we al een gemeente
hebben, op bijna vijf kilometer afstand, een tweede gemeentetje aan het ontstaan
in een wijk die bekend staat als Campus Chowk. Dat is een uitbreidingsgebied. Er
zijn nu al meer dan 50 gelovigen en geregeld 40 kerkgangers. Tordna Paudel geeft
als parttime evangelist leiding aan deze nieuwe gemeenschap. Door nu al een
gebouw neer te zetten (met betonnen onderbouw en pilaren; golfplaten dak) heeft
hij zich in de schulden gestoken. Maar een gebouwtje was onmisbaar, want de
huisjes zijn te klein om zo’n grote groep gelovigen te ontvangen, en er is in
die omgeving geen zaal te huur. De groeikansen van die nieuwe gemeente zijn
goed.
6.
Naaiproject Damak (Facilite)
Het project
loopt goed. Vier allerarmsten kunnen erdoor in hun onderhous voorzien, één
minder dan een half jaar geleden, vanwege problemen met de huisvesting (het
gehuurde zaaltje werd verkocht). Maar een goed en acceptabel financieel
overzicht ontbreekt nog steeds. (Daar heeft men geen kaas van gegeten...) Chabi
Lal Nepali, de leider van het project, zou een accountant in Biratnagar vragen
het verslag op te stellen. De boekhouder uit Damak hield zich niet aan de regels
van de boekhoudkunst, en dat verslag heb ik verworpen. Zonder goed verslag wil
ik nog geen verdere bijdragen voor dit project geven, al lijkt het goed te
draaien.
7.
Problemen tussen Santosh Nepali en het regionale bestuur van de HEF-Nepal (HEF)
Soms
fungeert een bezoeker van buitenaf als bliksemafleider. Zo ook nu. Er rezen
problemen n.a.v. de verkoop van een lapje grond in Itahari, ooit gekocht om daar
het regionale kantoor van de HEF-Nepal te huisvesten. Daar is het nooit van
gekomen. Nu is dat stukje grond verkocht, met de dringende wens grond in Dharan
te kopen en daar het kantoortje te vestigen. In die stad woont de secretaris van
het regionale HEF-bestuur, ds. Kuber Gurung. Dharan ligt op 22 kilometer van
Itahari.
Volgens het bestuur van de HEF-Nepal heeft Santosh, die één van de drie was op
wiens naam het terreintje in Itahari stond, niet willen meewerken aan de
verkoop, en tenslotte zelf het perceel gekocht tegen een té lage prijs, met de
bedoeling die door te verkopen. Ze beschouwen dat als een vorm van diefstal van
de eigen beweging. Santosh heeft een ander verhaal. Hij heeft het perceel
verkocht in opdracht van het bestuur voor de vastgestelde prijs. Daar heeft hij
een ondertekend document van. Ik heb het probleem ter oplossing voorgelegd aan
de directeur van de HEF, ds. Matthias Subba.
Door gebrek aan openheid in de Nepalese cultuur ontstaan vaak spanningen en
verdachtmakingen. Dit probleem wordt wel weer opgelost, maar t.w.v. een eerlijk
beeld van wat er gebeurt, noem ik dit ook. Santosh is helemaal van streek en het
Nepalese HEF-bestuur is bijzonder boos...
Algemene
opmerkingen:
De algehele
politieke situatie is explosief. De maoïsten, die enige tijd in de regering
zaten, hebben de oppositie weer gekozen. Ze blijven regering, leger en politie
bestoken middels zogenaamde volksbesluiten, wat vooral betekent: de ene
gedwongen staking na de andere, met soms wel 12 landelijke stakingsdagen per
maand. Wie niet meedoet riskeert dat zijn huis of auto in de fik wordt gestoken,
wat geregeld gebeurt. De reactie van de overheid blijft zwak, omdat de maoïsten
40 – 50% van de bevolking representeren, en ook een flinke invloed in het leger
hebben, doordat hun kaders daarin deels zijn opgenomen. De populariteit van deze
radicalen zakt overigens. Inmiddels probeert de gehate ex-koning Gyanendra door
overeenkomsten met de regerende partijen en India de macht weer terug te
krijgen. De maoïsten hebben het land opgedeeld in tot hiertoe 13 stambepaalde
regio’s, die ze een grote mate van autonomie (ook op de gebieden van wetgeving
en belastingen) willen toekennen, en waardoor ze de oude leiders geheel buiten
spel willen zetten, opnieuw ook door het opzetten van milities. Binnen een maand
kan dit tot een explosie komen, en zelfs een burgeroorlog ontketenen, vernam ik
uit zeer betrouwbare bron. Dr. Bhattarai, de voorzitter van de maoïsten, lijkt
te twijfelen over deze koers, maar wordt opgestuwd door de massa’s, die menen
dat gerechtigheid en welvaart door geweld, chaos en stakingen bereikt kunnen
worden. (Het oude communistische sprookje...)
Gedurende mijn bezoek
aan de goeroe, waar ik op een podium zat achter de premier van Nepal, de heer
Nepal, en de voorzitter van het parlement, werd ik door de t.v. gefilmd.
Diverse mensen in het land kregen daardoor de indruk dat ik heel wat in de melk
te brokkelen heb, hoewel ik die kopstukken nauwelijks gesproken heb. Dit kan
weer nieuwe deuren openen.
Het werk van de
HEF gaat - vooral in Nepal - over het geheel goed voort. Een recente
innovatie juich ik zeer toe: evangelisten werken geregeld enkele weken samen,
zodat ze er niet alleen voor staan. In Belbari, de omgeving van Murkuchi en
Itahari heeft dat tot grote groei-impulsen geleid. In Belbari, halverwege
Itahari en Damak, kwamen in een maand 22 mensen tot geloof. Daar is dringend een
kerkje nodig, want er zijn in het totaal al 50 gelovigen, maar daarvoor
ontbreekt het geld. (Het probleem van dringend nodige kerkbouw doet zich ook
voor in Dharan, Itahari, de tweede gemeente van Damak en Goldhap; misschien via
leningen; de gemeenten willen zeker zelf ook bijdragen). Dharan telt nu al 50
gelovigen (kinderen niet meegerekend); hun aantal is door evangelisatie het
afgelopen halfjaar verdubbeld.
Tijdens mijn bezoek
heb ik twee mensen een redelijke gift gegeven: voor Norbu Tamang en zijn
vrouw betaalde ik 300 euro om hun studie af te ronden en de masterstitel in de
theologie te verkrijgen. Dit onder de voorwaarde dat hij zich zal inzetten voor
het organiseren van cursussen Gemeentegroei in Kathmandu en het westen van
Nepal. Voor Kuber Gurung betaalde ik - naast een bijdrage voor de organisatie
van 3 conferenties - 70 euro voor het bijwonen van een cursus in Kathmandu (over
het maken van projectbeschrijvingen, dus erg nuttig voor zijn werk).
De tijd is rijp voor
meer predikantenconferenties over Gemeentegroei. De uitnodigingen ervoor
stromen binnen. De reacties van de deelnemers is goed, mede doordat ze ervan
overtuigd zijn dat ik hun kerken en cultuur goed aanvoel. Het onderwerp heeft
ieders positieve belangstelling; het lijkt wel op een witte vlek in de kennis
van de predikanten. Belangrijke conferenties staan al gepland voor Kathmandu en
enkele plaatsen in West-Nepal voor februari/maart 2010. Daarvoor is ook de
opleiding van enkele Nepalese sprekers voor dergelijke conferenties vereist. Dit
is een mooie manier om het kerkelijke leven in Nepal ten goede te beïnvloeden.
Gorinchem, 20-12-‘09
Bram Krol
 |